Skip to main content

Chauffeurs in Parijs vertonen 5 keer meer abrupt rijgedrag dan die in Berlijn

Geotab analyseert rijgedrag in Europese hoofdsteden: Berlijn noteert de minste abrupte manoeuvres, terwijl Parijs en Madrid het hoogst scoren.

November 3, 2026

•

leestijd: 3 minuten

Een witte bestelbus rijdt bij zonsondergang op een stadsweg, omringd door blauwe digitale telematica-iconen die voertuigconnectiviteit, veiligheid en waarschuwingen voor gevaren op de weg weergeven.

Amsterdam telt van alle Europese hoofdsteden hoogste percentage scherpe bochten

 

Van alle Europese hoofdsteden is Parijs de stad waar men het vaakst geconfronteerd wordt met abrupt rijgedrag. Chauffeurs in de Franse hoofdstad zijn vooral geneigd om snel op te trekken. In Amsterdam, met zijn grachten, smalle straten en vele bruggen, moeten chauffeurs in vergelijking met andere Europese hoofdsteden meer scherpe bochten nemen. Dat zijn enkele van de nieuwe resultaten van de European Urban Freight Efficiency Index van telematicaspecialist Geotab. 

 

Amsterdam, 3 november 2026 - De analyse is gebaseerd op gegevens over abrupt optrekken, abrupt remmen en scherp bochtenwerk, afgeleid uit gps-data van meer dan 130 miljoen ritten die voertuigen met Geotab-technologie in 2025 aflegden. Daaruit blijkt dat het aantal abrupte rijmanoeuvres in zeven Europese hoofdsteden met meer dan factor vijf verschilt. 

Berlijn registreert het kleinste aantal abrupte rijmanoeuvres, met 225 per 1.000 ritten, of ongeveer één gebeurtenis per vier à vijf ritten. Daarna volgen Dublin (315), Amsterdam (356), Rome (393) en Londen (462). Madrid (1.088) en Parijs (1.191) liggen daar ver boven, met meer dan één abrupt rijmanoeuvre per rit. 

 

Duidelijke link met verkeersefficiëntie

Wat het sterkst verschilt van stad tot stad, is het type rijmanoeuvre. In Parijs bestaat 79% van de geregistreerde gebeurtenissen uit abrupt optrekken, tegenover “maar” 45% in Berlijn. Amsterdam en Rome hebben dan weer het grootste aandeel scherpe bochtmanoeuvres van alle onderzochte steden (respectievelijk 34% en 27%). 

 

Verkeersveiligheid en verkeersefficiëntie gaan doorgaans hand in hand. De vier steden met de hoogste efficiëntiescores Openen in een nieuw venster — Berlijn, Amsterdam, Dublin en Rome — zijn ook de vier steden met het kleinste aantal abrupte rijmanoeuvres per rit. Parijs, Londen en Madrid, die het laagst scoren op efficiëntie, hebben de hoogste aantallen. 

 

Amsterdam: veel bochtenwerk langs de grachten en naar Schiphol

Amsterdam telt de sterkste concentratie van abrupte rijmanoeuvres op één locatie in het hele onderzoek. Drie zones langs de A4 richting luchthaven Schiphol zijn samen goed voor 13,7% van alle gebeurtenissen in de stad. In deze drie zones bestaat 46% tot 78% van de gebeurtenissen uit scherpe bochtmanoeuvres. Dat wijst op de complexe inrichting van het verkeersknooppunt. Door alternatieve routes te plannen kunnen wagenparkbeheerders mogelijk een groot effect bereiken op de resultaten. 

Berlijn als lichtend voorbeeld

Berlijn registreert 225 abrupte rijmanoeuvres per 1.000 ritten, het laagste aantal van de zeven steden. Scherpe bochtmanoeuvres vertegenwoordigen daar slechts 10%, wat waarschijnlijk te maken heeft met de brede, rechte boulevards van de stad. Berlijn heeft bovendien meerdere stedelijke centra in plaats van één dominant centrum. Daardoor wordt het verkeer beter over het wegennet verdeeld. De resultaten van Berlijn vormen met andere woorden een nuttig referentiepunt voor hoe een goed functionerend wegennet eruit kan zien.

De cijfers per stad interpreteren

De vergelijking tussen steden is praktisch bruikbaar voor wagenparkbeheerders. Doelstellingen voor bestuurders en wagenparken zijn namelijk nuttiger wanneer ze rekening houden met de stad waarin een voertuig wordt ingezet, in plaats van overal dezelfde norm te hanteren.

 

"Het aantal abrupte rijmanoeuvres zegt pas iets als je weet in welke stad de bestuurder actief is,” zegt Ralf Urlings, Senior Sales Executive EMEA bij Geotab. “Hetzelfde cijfer kan in Madrid overeenkomen met een gemiddelde dag, maar in Berlijn een waarschuwingssignaal zijn. Wanneer vooral abrupt optrekken voorkomt, kunnen rijcoaching en feedback in het voertuig een groot verschil maken. Gaat het om scherpe bochten op een bepaald kruispunt, dan helpt een andere route vaak meer. Wagenparkbeheerders die kunnen zien met welk van beide situaties ze te maken hebben, zijn veel beter in staat om actie te ondernemen. Dat is wat data en vergelijkingen met referentiecijfers mogelijk maken: ze vertalen een patroon op stadsniveau naar concrete maatregelen voor een wagenpark. Videotelematica kan bovendien extra context bieden bij een afzonderlijke gebeurtenis, zodat een gesprek met een bestuurder kan vertrekken vanuit wat er werkelijk op de weg is gebeurd."

 

Lees hier het volledige rapport. 

 

Methodologie 

De Europese index voor efficiënt stedelijk goederenvervoer (European Urban Freight Efficiency Index) geeft elke stad een score van 0 tot 100, op basis van twee dimensies die afzonderlijk worden beoordeeld voor personenwagens en vrachtwagens. Vervolgens worden de resultaten gecombineerd volgens een weging van 60/40 (personenwagens/vrachtwagens). De eerste dimensie, de verkeersdoorstroming, is goed voor 75% van de score per voertuigtype en houdt rekening met de verkeersdrukte, de periodes zonder files en de schommelingen in reistijd. De tweede dimensie, de kosten van verkeerscongestie, vertegenwoordigt de resterende 25% en meet de tijd dat voertuigen tijdens een rit stilstaan met draaiende motor.

De bevindingen over verkeersveiligheid worden afzonderlijk van de indexscore gerapporteerd. Ze zijn gebaseerd op via gps-gegevens vastgestelde gebeurtenissen waarbij voertuigen abrupt optrekken, abrupt remmen of scherpe bochten nemen. Deze gebeurtenissen worden uitgedrukt per 1.000 ritten, zodat steden van verschillende grootte met elkaar kunnen worden vergeleken. De cijfers over risicolocaties tonen welk aandeel van de abrupte rijmanoeuvres in een stad plaatsvindt binnen elk klein geografisch rastergebied (geohash-cel). De gebeurtenissen worden afgeleid uit gps-positiegegevens en niet uit metingen van versnellingssensoren. Daardoor kunnen ze op korte wegsegmenten worden onderschat en op bochtige wegen worden overschat. Ze zijn bedoeld om steden onderling te vergelijken, niet om het aantal aanrijdingen of incidenten te tellen. Alle cijfers zijn gebaseerd op gegevens over het volledige jaar 2025 (januari tot en met december), afkomstig van het platform voor geconnecteerde voertuigen van Geotab in Berlijn, Amsterdam, Dublin, Rome, Parijs, Londen en Madrid. Ze hebben betrekking op een steekproef van geconnecteerde voertuigen en vormen geen volledige telling.


Mediacontact

Nicole Riddle

Senior Specialist, Strategic Communications

pr@geotab.com

Over Geotab

Geotab is een wereldwijde leider in connected operations, videotelematica en AI-gedreven inzichten. Meer dan 100.000 klanten, van kleine en middelgrote vloten tot Fortune 500-bedrijven en organisaties in de publieke sector, inclusief de Amerikaanse federale overheid vertrouwen Geotab. Geotab verbindt ongeveer 6 miljoen voertuigen en assets en verwerkt dagelijks 100 miljard datapunten. Met de certificeringen ISO/IEC 27001:2022, SOC2, FIPS 140-3 en FedRAMP verenigen het open platform en het partnerecosysteem van meer dan 700 partners veiligheid, compliance en operations in één enkel systeem. Onze missie: een veiligere, efficiëntere en duurzamere wereld in beweging. Ga voor meer informatie naar www.geotab.com/nl en volg ons op LinkedIn of bezoek onze blog.

GEOTAB en GEOTAB MARKETPLACE zijn gedeponeerde handelsmerken van Geotab Inc. in Canada, de Verenigde Staten en/of andere landen.

View last rendered: 11/03/2026 20:07:08